| Demo Navigation | ||
| home | ||
|
Deze demo bevat fragmenten van de originele tekst. Onderstaande onderwerpen worden uitgebreid behandeld op de Cd-rom. De aarde is in feite niet geheel bolvormig maar enigszins afgeplat aan de polen. Een 'afgeplatte' aardbol is niet bruikbaar voor navigatiedoeleinden. Daarom gaan we bij navigatie uit van een perfect bolvormige aarde. Voor plaatsbepaling verdelen we de aardbol in denkbeeldige horizontale en verticale lijnen:
Breedtegraden en grootcirkels: Als we de aarde in twee gelijke helften snijden, dan is het snijvlak een grootcirkel. Deze grootcirkel noemen we de evenaar. De evenaar snijdt de aarde in twee gelijke helften. De bovenste helft van de aardbol noemen we noordelijk halfrond. De onderste helft noemen we zuidelijk halfrond. Breedtegraden worden ook parallellen genoemd.
Als we de aardbol in ongelijke helften snijden krijgen we een kleincirkel. Niet alle breedtegraden/parallellen zijn dus even 'groot'.
De 'telling' van de breedtegraden begint op de evenaar. De evenaar = 0 graden. De waarde loopt op richting de noord -en zuidpool met een maximale waarde van 90 graden. Breedtegraden op het noordelijk halfrond noemen we noorderbreedte afgekort tot N. Breedtegraden op het zuidelijk halfrond noemen we zuiderbreedte afgekort tot S (South; Engels voor zuid).
Lengtegraden: Als we de aarde van de noordpool naar de zuidpool doorsnijden in twee gelijke helften krijgen we het oostelijk -en westelijk halfrond. De verticale lijn noemen we lengtegraad of meridiaan. Meridianen lopen verticaal over de aarde en staan loodrecht op de evenaar. De meridiaan die de aarde scheidt in een oostelijk en westelijk halfrond noemen we 0 meridiaan of in het Engels Prime Meridian. Deze denkbeeldige lijn loopt van de noordpool naar de zuidpool over het Engelse stadje Greenwich. Tezamen met de 180 graden meridiaan (aan de achterzijde van de aarde) is de 0 meridiaan een grootcirkel. Alle meridianen staan loodrecht op de evenaar. De 180-meridiaan is de zgn. datumgrens en loopt over de eilandengroep Fiji.
De 'telling' van lengtegraden begint op de 0-meridiaan en loopt van 0 tot maximaal 180 graden. De 180-meridiaan is immers de datumgrens. Lengtegraden op het oostelijk halfrond noemen we oosterlengte afgekort tot E (East; Engels voor oost). Lengtegraden op het westelijk halfrond noemen we westerlengte afgekort tot W.
Meridianen staan in een bepaalde hoek tot elkaar. Op de evenaar is het verschil in hoeken ten opzichte van elkaar 0; alle meridianen staan immers loodrecht op de evenaar. Het verschil in hoeken ten opzichte van meridianen onderling noemen we convergentie. Parallellen en meridianen snijden elkaar loodrecht, dat wil zeggen in een hoek van 90 graden. Een loxodroom (letterlijk: schuin lopen) is een virtuele lijn over een bol die alle meridianen in een gelijke hoek snijdt. Op een bol verloopt een loxodroom spiraalvormig in de richting van de polen. Het volgen van een magnetische koers op een bol staat gelijk aan het volgen van een loxodroom. Een magnetisch koers over een bol = loxodroom.
Op een kaart volgens de Mercatorprojectie (zie het onderwerp 'projecties' verderop in dit hoofstuk) worden loxodromen echter rechtlijnig weergegeven. We kunnen dan zeggen dat alle parallellen én de evenaar loxodromen zijn. De evenaar is dus een grootcirkel én loxodroom. Omdat de omtrek van een grootcirkel, bijvoorbeeld de evenaar, groter is dan de omtrek van een parallel is de lengte van één graad is niet altijd even lang! | ||
|
De gratis online demo stopt hier. De
volgende onderwerpen over dit examenvak worden uitgebreid behandeld op de
Cd-rom:
| ||
|
U kunt de gehele tekst op Cd-rom bestellen via de bestelpagina. | ||
| copyright L. Kuijpers |